Mijn afscheid van Jan van der Laan

Auteur

Ronald Rost van Tonningen

Geplaatst op

17 maart 2019

Aantal keer gelezen

212

Zaterdag 16 maart was de dag die voor TOGB in het teken stond van het afscheid van Jan van der Laan, Technisch Coördinator Onderbouw. Na een kort ziekbed overleden aan de gevolgen van alvleesklierkanker. Voor mij persoonlijk was het toch een tikkeltje vreemd. Ik was de hele dag in de weer ter nagedachtenis van iemand die ik feitelijk niet kende. Natuurlijk ben ik Jan wel eens tegengekomen, maar echt tot een gesprek is het nooit gekomen. Technisch coördinator en Loketbeheerder scheidsrechters hebben nou eenmaal niet zoveel gemeenschappelijke raakvlakken.

Na een aantal indrukwekkende momenten waarbij door alle jeugdploegen voor de aanvang van de wedstrijd een minuut stilte in acht werd genomen, vertrok ik samen met andere leden van TOGB richting de uitvaartdienst. De hele weg mij maar afvragend hoe het is om naar iemands afscheid te gaan die je eigenlijk niet kent. Ik ben 65 jaar inmiddels dus naar een uitvaart gaan is op zich niet vreemd voor mij, maar om te gaan met de vraag “wie was Jan van der Laan” bleef mij toch bezighouden.

Bij aankomst was het voor mij al snel duidelijk, door de vele honderden aanwezigen en de erehaag, gevormd door vele Handhavers van de Gemeente Rotterdam, dat er meer aan de hand was. Zoveel zelfs, dat er voor velen geen plaats was in de zaal en alles via beeldschermen gevolgd moest worden in de ontvangstruimte.

Tijdens de uitvaartdienst werd het levensverhaal van Jan verteld, maar eigenlijk werd het nog veel meer getoond door de vele foto’s uit het leven van Jan van der Laan. Foto’s zeggen nou eenmaal meer dan woorden. En toen ik die foto’s voorbij zag komen keek ik naar de vele expressies in het gezicht van Jan. De momenten die hij deelde met zijn gezin, zijn kleinkinderen en zijn vrienden. Pretoogjes, ondeugende acties, maar ook liefdevolle blikken en warmte dropen van iedere foto die voorbijkwam. Zij gaven mij ineens het gevoel van “ik ken die man”. Ik herkende namelijk in veel foto’s een deel van mijzelf.

Wat duidelijk naar voren kwam is dat Jan van der Laan een turbulent leven heeft gehad. Zoals wij allemaal doen loop je daarbij over je levenspad en loop je soms door diepe dalen en dan weer door mooie landschappen. Ikzelf ben iemand die veel van het Boeddhisme houdt. Een van Boeddha’s gevleugelde uitspraken is “Strooi bloemenzaad op je levenspad en je loopt je hele leven door een mooie tuin”. Ik denk dat Jan dat ook heeft gedaan. Zijn hele loopbaan bij de politie als ook zijn hele loopbaan als vader en opa. Hij heeft het ingevuld op zijn manier en zijn levenspad gezaaid op zijn manier. Het was ook zijn tuin waar hij doorheen liep.

Als je naar het verdriet, maar ook de dankbaarheid keek en luisterde in de zaal, dan kon je er niet omheen. Zijn kleinkinderen speelde een grote rol in zijn leven. Dat kan ook niet anders. Ik spreek uit ervaring als ik zeg dat Opa worden één van de meest indrukwekkende momenten in iemands leven is. Natuurlijk heb je dat ook als je voor het eerst vader wordt, maar Opa worden gaat net een stapje dieper. Zelf ben ik ook Opa van twee fantastische kleinkinderen en heb dat moment van intens geluk ook mogen proeven.

Het verdriet dat kleinkinderen hebben op jonge leeftijd raakt je tot in je haarvaten. Ook de machteloosheid die kinderen dan hebben omdat ze het verdriet nog geen plek kunnen geven. Of omdat het ook nog niet kunnen bevatten. Eigenlijk niet goed weten hoe de volgende dag eruit zal zien met de wetenschap niet meer naar opa te kunnen gaan. Het verdriet is puur en indringend. Dat is ook niet zo gek, want voor kleinkinderen zijn opa’s (en ook oma’s) een anker in hun leven. Iemand waarop ze altijd op kunnen terugvallen, zeker als je een opa hebt zoals Jan. Af en toe misschien wel zo gek als een deurknop. Je kan ook niet verdwalen als kleinkind, want opa weet je altijd raad en richting te geven. Opa omhels je als kleinkind heel misschien wel wat intenser dan je eigen vader of moeder. Dat wil niet zeggen dat je minder van ze houdt, maar het is anders.

Al met al kwam ik tot mijn eigen conclusie dat Jan zijn leven heeft geleid, zoals hij dat wilde en zoals hij dat heeft ingevuld. Met alle up’s en down’s die daarbij horen. Het is hem alleen niet gegund om zijn leven ook af te sluiten zoals hij dat diep in zijn hart ongetwijfeld graag had willen doen. De ziekte van Alvleesklierkanker maakte in korte tijd een einde aan zijn wens om het leven nog veel langer te kunnen omhelzen. En ineens moest hij een heel ander scenario gaan schrijven.

Ik ben naast vrijwilliger bij TOGB ook werkzaam als vrijwilliger bij de stichting “Overleven met Alvleesklierkanker” (ook wel bekend als “Support Casper”). In de vele gesprekken die ik al heb gehad met nabestaanden komt het verdriet ook elke keer weer naar boven. Het verdriet krijgt weliswaar een plaats, maar de strijd en de korte tijd waarin alles verandert maken littekens, niet op het lichaam maar in de ziel. Het is eigenlijk voor het eerst in de twee jaar dat ik dit nu doe dat ik het verdriet ook zag en van dichtbij voelde. Niet alleen de woorden over hoe groot het verdriet was, maar gewoon het zien en het voelen. Die ervaring omhels ik op mijn beurt en neem ik mee na zaterdag. Om later in gesprekken met nabestaanden een nog beter luisterend oor te hebben. Nog meer te kunnen begrijpen.

De familie van Jan heeft, hoe kan het ook anders, een loodzware periode achter de rug. Zij hebben Jan in korte tijd zien veranderen van een levenslustige man tot, zoals de familie het zelf omschreef, een hulpeloos, soms wanhopig persoon, maar strijdend tot het einde. Ik kan mij als mens geen moeilijker traject bedenken als het traject wat zij de afgelopen maanden hebben moeten doorstaan. Maar ik ben ervan overtuigd dat zij de kracht vinden om met elkaar de nalatenschap van Jan in ere te houden. Om met elkaar dit verdriet te verwerken en zij zullen de kracht vinden om verder te gaan. Want een familieband is ijzersterk in dit soort tijden. En ik spreek hier uit ervaring. Jan gaf het in zijn afscheidsbrief ook al aan: Je bent pas echt dood als je vergeten wordt. Wijze woorden van een wijs mens.

Toen ik ’s-Middags thuiskwam was ik doodmoe. Van alle verhalen, indrukken, gesproken woorden. Maar op mijn manier ook blij dat ik deelgenoot mocht zijn hiervan. Tegen Jan van der Laan kan ik het nu zelf niet meer zeggen, maar na zaterdagmiddag heb ik toch een beetje het gevoel Jan gekend te hebben.

Met een warme en innige groet,

Ronald Rost van Tonningen; Loketbeheerder Scheidsrechters TOGB

sponsorsponsorsponsorsponsorsponsorsponsorsponsorsponsorsponsorsponsor
Inloggen — Website door Ivaldi.nl